Heilige Huisjes – 2001

De mogelijkheden voor Nederlanders om hun eigen huis te bouwen worden vergroot. Althans dat was het voornemen van de regering eind jaren negentig. Het zou een radicale breuk met de grootschalige seriebouw voor een anonieme markt zijn. Heilige Huisjes brengt in 2001 de voorzichtige maar veelbelovende start in beeld. Het aandeel van eenderde woningen in particulier opdrachtgeverschap – een regeringsambitie van 23.000 jaarlijks  – is groot. Eigenlijk weet niemand hoe het zal gaan, maar de voorbeelden in Heilige Huisjes laten zien dat het kán. Direct na het boek volgt het magazine Burgerlijke Stedenbouw (2002). Beide boeken zijn een inspiratie bij de ontwikkeling van Homeruskwartier in Almere (2007); de grootste zelfbouwwijk van Nederland.

In zijn essay ‘Het laatste taboe’ gaat H.J.A. Hofland in op de Nederlandse wooncultuur. Het wonen behoort tot de allerpersoonlijkste aspecten van het bestaan. Juist in dit onaantastbare gebied heeft de Nederlander het toegestaan dat hij gesnoeid werd in zijn eigen, individuele inbreng.

Welke stedenbouwkundige kansen biedt een toekomst met meer zelfbouwers? Welke andere combinaties van collectief en individueel, publiek en privaat, worden denkbaar? Welke rol speelt welstand? Hoe werkt het individuele opdrachtgeverschap in gestapelde vormen? In Burgerlijke Stedenbouw wordt daarop ingegaan.

Infographics tonen dat een groeiend aandeel kleine huishoudens in steeds grotere woningen woont. De vraag is of mensen ook zo groot zouden bijbouwen als ze het zelf voor het zeggen zouden hebben.